Over ontoereikend wegenonderhoud & spitsstroken
Uit het verslag van deze plenaire vergadering:
De heer Dirk Peeters:
Ik sta hier niet om kritiek te geven op die mensen met hun emmertje en truweel. Ik sta hier ook niet om kritiek te geven op de hinder die veroorzaakt werd toen er op de E313 werken plaatsvonden omwille van de veiligheid. Die waren hoognodig. Hinder en omleidingen zijn dan logische gevolgen. Als er in al die herrie dan nog een brug sneuvelt, dan wordt het hallucinant. Dat wordt hilarisch. Vandaag hebben we het trieste record van 1000 kilometer file gebroken. We zitten niet aan het plafond, op het vlak van automobiliteit zitten we reeds ver over de top. We oogsten wat we gezaaid hebben. In het verleden kreeg het structurele onderhoud niet de prioriteit die het verdiende. Er werd niet genoeg geld voor uitgetrokken. Dat heeft een hoop ellende veroorzaakt, en nu moeten de herstellingen toch gebeuren. Ik stel vast dat de ellende intussen immens groot is geworden.
Ik stel ook vast de Vlaamse Regering vasthoudt aan het principe van bijkomende investeringen in – volgens ons te veel – nieuwe missing links. We kunnen het huidige wegennet amper onderhouden, dus laat ons verdorie voorzichtig zijn met te investeren in steeds bijkomende nieuwe wegen die we wellicht ook weer niet zullen kunnen onderhouden.
Voor ons mogen verbeter- en aanpassingswerken natuurlijk wel doorgaan, maar niet zoals de Vlaamse Regering ze bijvoorbeeld plant bij de omweg in de noord-zuidverbinding in Limburg of bij de parallelweg in de Kempense noord-zuidverbinding. Kris Peeters vergeet bij zijn bezoek aan de Kempen de Kempense noord-zuidverbinding te vernoemen. Als dat betekent dat ze er niet komt, dan is dat voor mij een goede zaak, zeker als dat geld dan gaat naar de E313 want dat lijkt me een veel hogere prioriteit.
De heer Kris Van Dijck:
Er worden hier ministers-presidenten geciteerd. Ik was aanwezig en de noord-zuidverbinding is daar zeer duidelijk genoemd en benoemd.
De voorzitter:
Daarmee is de heer Van Dijck de nieuwe woordvoerder van de minister-president.
De heer Dirk Peeters:
Samen met mevrouw Deckx was ik dan toch niet uitgenodigd. (Opmerkingen van de heer Kris Van Dijck)
Ik heb geen bericht gekregen.
Als u het toch wilt doen, dan keuren we dat beleid niet goed. Ik had gehoopt dat door het niet-vernoemen, de noord-zuidverbinding alsnog zou sneuvelen.
Minister, het was ook symptomatisch dat u vorige week de uitdaging van de heer Sas van Rouveroij aannam om Mega Mindy te spelen en toch nog vlug in een spitsstrook te voorzien op de E313. Natuurlijk is dat goedbedoeld, maar het lijkt ons toch symptomatisch voor het gevoerde beleid. Het is een beetje onbezonnen. Het is paniekvoetbal. Ik denk niet dat dit het soort beleid is dat we nu nodig hebben voor de automobiliteit, zeker niet voor het beheersen ervan.
De Vlaamse automobiliteit is een complex verhaal. We hebben wellicht het dichtste en meest uitgebreide wegennet ter wereld. De inrichting van onze wegen – dat komt door de geschiedenis van verschillende overheden die ze hebben aangelegd – is niet steeds uniform en herkenbaar en goed leesbaar zoals het in het buitenland wel het geval is. Dat leidt tot onveilige toestanden.
Voor ons is praten over structureel onderhoud van wegen, ook praten over verkeersveiligheid. Het probleem dat er door die overheden te veel ingrepen zijn gebeurd, heeft bijgedragen aan die verkeersonveiligheid. We moeten ook vaststellen – dat is ook recent in het nieuws gekomen – dat aannemers bij ons de wegen niet zo goed kunnen leggen als in het buitenland.
Minister, als u werk wilt maken van controle en eventueel streng wil optreden tegen malafide aannemers, dan steunen wij u. Ik hoop ook dat een van de lessen die u hieruit trekt, zal zijn dat u de lokale besturen sterker zult maken. Ook zij hebben op hun terrein te maken met malafide aannemers en met slecht aangelegde wegen. Voor de lokale besturen liggen er hier dus kansen die u hen moet aanreiken.
Minister, op het vlak van de verkeersveiligheid en het wegenonderhoud is het voor ons duidelijk: de beschikbare middelen moeten anders worden aangewend. We moeten werk maken van het versneld wegwerken van de zwarte punten. We moeten meer aandacht hebben voor de veiligheid van de fietser en de voetganger op de gevaarlijke gewestwegen. We moeten het geld voor de missing links gebruiken voor structureel onderhoud. We moeten voorkomen dat automobiliteit blijft toenemen. We moeten investeren in een omslag naar meer gebruikmaken van het openbaar vervoer.
Het is een ontzettend moeilijke opdracht. Het is zeker niet evident om het ‘autodenken’ te doorbreken en om te buigen naar meer duurzame ontwikkelingen, maar wij zijn ervan overtuigd dat dit de eerste opdracht is voor de Vlaamse Regering. We wensen daaraan mee te werken en u aan te sporen om die middelen vrij te maken.
Ten slotte – en ik steun de heer Jan Roegiers – moeten we als Vlaamse Regering het voortouw nemen om te overleggen met het gewest en het buitenland om de slimme kilometerheffing voor vrachtwagens voor 2013 zeker in te voeren.


Neen aan de plannen van het NIRAS om kernafval in de Kempense kleilagen te dumpen! 

