Dirk Peeters

Vlaams parlementslid

Beleidsnota Landbouw: Meer steun voor duurzame landbouw

Minister-president
Collega’s

Bij de bespreking van deze beleidsnota wil ik even stilstaan bij 6 aspecten van het landbouwbeleid:

En bij het eerste punt zit ik al direct op het snijpunt van landbouw-en milieubeleid want het gaat over het mestbeleid. We willen waarschuwen voor een gevaarlijke ontwikkeling die zich in de veeteelt weer aandient. Ondanks de goede resultaten op het vlak van nitraatuitspoeling en amoniakemissies op Vlaams niveau dreigen er in bepaalde gebieden (Noorden van de provincies Antwerpen en Limburg en West Vlaanderen) door een concentratie aan veebedrijven (varkens) toch weer lokale problemen te ontstaan die een gebiedsgerichte oplossing en benadering vragen.

Het probleem van de megastallen in de grensstreek zal u in dit verband niet onbekend zijn. Dit is in ieder geval een evolutie die we niet wensen en die ons doet terug denken naar de problematiek van de zwarte gemeenten in de jaren 80-90 in de aanloop naar het eerste MAP. We willen deze ontwikkelingen tijdig een halt toeroepen voor de boel weer ontspoort.

2. Deze ontwikkeling is niet alleen nefast voor het milieu maar tegelijk ook een bedreiging voor de familiale landbouw en daarom vragen we aangepaste ondersteuningsmechanismen uit te werken om de familiale landbouw te ondersteunen;

Uw uitspraken over de professionalisering in de landbouw laten niet vermoeden dat u de familiale landbouw een warm hart toe draagt. Verbreding, schaalvergroting en herstructureringen en omvorming kan vaak niet door familiale bedrijven bereikt worden.

Onlangs kregen we in de commissie LAN een voorstelling van de werking van de VZW “Boeren op een kruispunt” die duidelijk aantoonde dat er wel degelijk problemen zijn waar we een antwoord op moeten geven willen we de familiale land- en tuinbouw overlevingskansen willen geven.

3. We stellen ook voor om meer werk te maken van een geïntegreerd en horizontaal beleid waardoor het Vlaams areaal biologisch landbouwareaal ten minste het Europees gemiddelde kan bereiken.
Daaraan gekoppeld willen we ook meer investeren in beheersovereenkomsten voor duurzame landbouw die ook de biodiversiteit ten goede komt;

Daarom ook verwerpen we het Vlaamse beleid op het vlak van genetische gemodificeerde gewassen, de GGO’s. Het is niet omdat Europa nu de teelt van genetisch gemodificeerde mais toestaat dat Vlaanderen dat als eerste moet navolgen.

In dit verband onderschrijven we ook de adviezen van de minaraad bij de GGO besluiten – een citaat

“De doelstelling van de regelgeving is dan het voorkomen van economische schade en het regelen ervan als het toch voorvalt. De raden stellen daarbij vast dat aan een aantal artikels uit het co-existentiedecreet – zoals het reserveren van zones die vrij zijn van GGG’s – geen uitvoering wordt gegeven.
Bovendien zijn er nog andere vormen van schade mogelijk dan louter economische. (bv ecologische).”
Deze schade valt buiten de huidige regelgeving en het Milieuschadedecreet schept alleen een aangepast aansprakelijkheidsregime voor ecologische schade aan habitats en soorten die beschermd worden door de Habitat- en Vogelrichtlijn. SAR Minaraad en SALV uiten hierover hun bezorgdheid en vragen deze problematiek te bestuderen en gepaste oplossingen te voorzien, indien nodig.

3. GGO-besluiten
Ter uitvoering van het co-existentiedecreet voor genetische gemodificeerde gewassen met conventionele en biologische gewassen wil de Vlaamse Regering twee uitvoeringsbesluiten vaststellen. Het ene besluit moet vooral de werkbaarheid van de algemene co-existentieregeling garanderen, terwijl het tweede besluit de teeltspecifieke voorwaarden vastlegt voor de co-existentie van maïsgewassen. De teelt van maïsgewassen is namelijk de enige teelt van genetisch gewijzigde gewassen die voorlopig in Europa toegelaten wordt.
SALV en SAR Minaraad vinden het positief dat de Vlaamse Regering met deze besluiten streeft naar een regeling die voor alle betrokkenen een aanvaardbare co-existentie van gewassen moet garanderen. De raden bevelen de overheid aan om het voorkomen van vermenging te beschouwen als een punt van aandacht, opvolging en evaluatie.
De raden gaan ook dieper in op de bepalingen van elk uitvoeringsbesluit, onder meer op de vaststelling van de economische schade en de schadevergoedingsregel, het register dat de GGG-teelten moet bijhouden, het ontbreken van een beroepsprocedure bij de bestuurlijke geldboete, de wijze van staalname en analyse bij schadeclaims, en ten slotte de administratieve bepalingen en technische teeltvoorwaarden zelf voor maïsgewassen.
De SAR Minaraad keurde het gezamenlijk advies unaniem goed op 28 januari 2010. De SALV deed dit op 29 januari 2010.

4. Het luik plattelandsontwikkeling in de beleidsnota vinden we zeer goed uitgewerkt en biedt veel mogelijkheden voor een dynamisch beleid. Als het goed is zeggen we het ook.

We vragen in dit verband toch extra aandacht voor

1. bij de plattelandsinrichting meer gebruik te maken van een geïntegreerde gebiedsvisie – met o.a. land- en natuurinrichting, compensatieregelingen en beheersovereenkomst – dan van het instrument ruilverkaveling dat te éénzijdig gericht is op technische landbouwvoering;
2. in het plattelandsbeleid uitdrukkelijk aandacht te besteden aan de zorg voor en de uitbouw van stiltegebieden.

5. Op het bestuurlijke vlak hebben we volgende aandachtspunten

1. naast het nog op te richten plattelandsfonds actief op zoek te gaan naar financiële middelen die de bestuurskracht van de lokale besturen op het platteland versterken en de lokale besturen actief te betrekken in de voorbereiding en de uitwerking van het plattelandsbeleid;
2. bijzondere aandacht te besteden aan de op het platteland vaak aanwezige maar verdoken problematiek van armoede;

6. Ten slotte – maar niet het minst belangrijke – stellen we voor dat de Vlaamse regering blijft investeren in duurzame visserij. ILVO nauw te betrekken bij het uitwerken van voorstellen voor het opvangen van de klimaatwijziging in de visserijsector.

Dirk Peeters
10 feb 2010

PrintFriendlyShare

Reacties zijn niet meer mogelijk.